Skip to content
Cart
Your cart is empty. Go to Shop
Menu

Filosoferen over keuzevrijheid

Introductie

Lees ter introductie het onderstaande gedicht voor. Doe het eventueel twee keer, zodat alle leerlingen het goed kunnen volgen.

Kiezen

ik mag kiezen wat we eten
maar ik weet het nu nog niet
misschien maakt mama macaroni
en anders kies ik friet

ik mag zeggen wat ik mooi vind
maar ik twijfel nog teveel
misschien neem ik de rode schoenen
en anders kies ik geel

ik mag zeggen, ik mag kiezen
maar soms heb ik geen idee
misschien vraag ik eerst wat jij leuk vindt
en dan zeg ik: nee!

Gespreksregels

Leid het filosoferen in en benoem de gespreksregels in de kring.

Filosofische vragen

Denk samen na aan de hand van (enkele van) de volgende vragen.

  • Wat is kiezen?
  • Mag jij wel eens zelf kiezen? Wat mag jij zelf kiezen?
  • Wat kiest mama of papa of de juf/meester voor jou?
  • Is het fijner om zelf te kiezen, of als een ander het voor je doet?
  • Is het soms moeilijk om zelf te kiezen?
  • Kiezen tussen bloemkool of pannenkoeken – is dat moeilijk of makkelijk? Waarom?
  • Kiezen tussen een rode trui of een blauwe – is dat moeilijk of makkelijk? Waarom?
  • Kiezen tussen een lolly of een ijsje – is dat moeilijk of makkelijk? Waarom?
  • Kun je verkeerd kiezen? Wat gebeurt er dan?
Afsluiting en verwerking

Sluit het gesprek af met een korte samenvatting.
Speel ter verwerking het kringspel ‘Wij gaan op berenjacht’. (Je kunt dit eventueel doen aan de hand van het gelijknamige boek van M. Rosen, maar let er dan op dat je steeds een keuzemoment voor de groep in het verhaal inbrengt, aansluitend bij het gespreksonderwerp van deze les.)

Herhaal met de kinderen de volgende frase terwijl je speelt dat je onderweg bent en stevig doorstapt:

Wij gaan op berenjacht
Het is een mooie dag
We zijn niet bang!

Telkens ontmoet de groep een hindernis, zoals hoog, kriebelend gras, een diepe, koude rivier, een storm, een donker woud of een modderpoel. Laat steeds één van de kinderen kiezen hoe jullie deze hindernis nemen en beeld de gekozen oplossing samen uit. Wanneer de groep bij een grot komt en daar een beer aantreft, ga je op een holletje terug (want we zijn tòch bang), opnieuw langs alle hindernissen, tot je weer veilig in de klas bent.

Verantwoording

Gedicht: J. Wagensveld

Boek: Wij gaan op berenjacht
Schrijver: M. Rosen
Uitgeverij: Gottmer (Haarlem, 2019).