Filosoferen over behoeften en wensen

Toelichting

In deze les gaat het om de individuele processen die schuil gaan achter globalisering, handel en consumptie: het vervullen van levensbehoeften en van wensen of verlangens. We kopen voortdurend van alles: boodschappen in de supermarkt, groenten en fruit op de markt, nieuwe schoenen of games. Die spullen en boodschappen zijn overal beschikbaar, in de winkels en via internet – ze komen zelfs uit het buitenland naar Nederland. Soms is het lastig te bepalen of je iets echt nodig hebt en waarvoor je het nodig hebt. In het filosofisch gesprek onderzoeken de leerlingen waar de grens ligt tussen behoeften en wensen en waardoor die wordt bepaald.

Introductie

Leid het onderwerp van gesprek in op basis van de bovenstaande toelichting. Bekijk ter introductie de volgende video van SchoolTV: Waarom kopen we vaak iets nieuws?

Startvragen

Start, om zoveel mogelijk leerlingen direct actief te betrekken bij het filosoferen, met twee startvragen. Laat de leerlingen deze startvragen in tafelgroepjes of tweetallen bespreken.

  • Koop jij graag nieuwe spullen? Waarom (niet)?
  • Wat staat er nog op je verlanglijstje?

Filosofische vragen

Filosofeer in de kring aan de hand van (enkele van) de volgende vragen:

  • Wat voel je als je iets heel graag wilt hebben of kopen?
  • Kun je behoefte hebben aan iets wat je niet echt nodig hebt?
  • Wat voel je als je ergens behoefte aan hebt? Hoe weet je of je iets nodig hebt?
  • Wat heeft een mens minimaal nodig om te kunnen leven? Wat zijn levensbehoeften?
  • Wat is het verschil tussen een behoefte en een wens of verlangen?
  • Kan een wens voelen als een behoefte? Hoe kan dat?
  • Kan een ander jouw behoeften of wensen be├»nvloeden? Op welke manier?
Afsluiting

Vat het gesprek samen en evalueer het verloop ervan. Vraag de leerlingen eventueel ter verwerking om in hun filosofieschrift (of op een notitie voor op de leerwand) kort op te schrijven wat hun belangrijkste inzicht was tijdens dit gesprek. Welke nieuwe gedachte hebben ze opgedaan, of welk idee of antwoord vonden zij het belangrijkste?