Filosoferen over ziek zijn en beter worden

Toelichting op het onderwerp

Ziekte is een onderwerp waar iedereen vroeg of laat mee te maken krijgt. Sommige kinderen hebben onlangs zelf een griep of verkoudheid gehad. Anderen hebben gezien hoe een ouder, broertje of zusje ziek was. Sommige ziekten duren kort en zijn onschuldig, anderen zijn chronisch of hebben een dramatische afloop. Wees erop voorbereid dat al deze vormen van ziek zijn aan de orde kunnen komen bij het bespreken van dit onderwerp. Dat kan soms ongemakkelijk zijn, maar ook ongemakkelijke onderwerpen zijn de moeite waard om te onderzoeken.

Startvragen

Laat de leerlingen bij aanvang in twee- of drietallen de volgende vragen bespreken:

  • Ben je weleens ziek geweest? Wat had je?
  • Hoe werd je weer beter?

Peil vervolgens door handopsteken hoe het ervoor staat in de klas. Stel steeds een van de onderstaande vragen, laat de kinderen een hand opsteken als hun antwoord ‘ja’ is. Nodig per vraag één leerling uit om een toelichting te geven.

  • Wie is er nog nooit ziek geweest?
  • Wie heeft weleens griep of verkoudheid gehad?
  • Wie is er weleens lang ziek geweest?
  • Wie heeft een ziekte die niet meer over gaat?
Gespreksregels

Leid het filosoferen in en benoem de gespreksregels in de kring.

Filosofische vragen

Denk samen na aan de hand van (enkele van) de volgende vragen.

  • Hoe weet je dat je ziek bent? Wat gebeurt er met je?
  • Is iedereen wel eens ziek? Hoe komt dat?
  • Is het erg om ziek te zijn? Zijn zieke mensen zielig?
  • Wie zorgt er voor jou als je ziek bent? Zorg jij ook weleens voor iemand die ziek is?
  • Wat kun je doen om beter te worden?
  • Kun je ziek en gezond zijn tegelijkertijd?
Afsluiting en verwerking

Sluit het gesprek af met een korte samenvatting.
Ter verwerking kan de groep samen iets doen voor iemand die ziek is, zoals een kaartje sturen of een bos bloemen knutselen of samenstellen door ieder een bloem mee te nemen.