Filosoferen over gelukkig zijn

Startvraag

Laat de leerlingen eerst de startvraag individueel, op papier, beantwoorden. Of geef de leerlingen een korte, individuele denktijd in de kring.

  • Waarvan word jij heel gelukkig?

Ga de klas of kring rond en laat alle leerlingen hun antwoord geven (zonder door te vragen of te reageren op elkaar).

Gespreksregels

Leid het filosoferen in en benoem de gespreksregels in de kring.

Filosofische vragen

Filosofeer aan de hand van (enkele van) de volgende vragen.

  • Hoe weet je dat je gelukkig bent? Wat voel je als je gelukkig bent?
  • Is het moeilijk of gemakkelijk om gelukkig te zijn? Waarom?
  • Kun je altijd gelukkig zijn? Waarom zijn we soms ongelukkig?
  • Kun je zien of iemand gelukkig of ongelukkig is? Waaraan zie je dat?
  • Wat heb je nodig om gelukkig te zijn? Wat kun je doen om gelukkig te worden?
  • Kun je een ander gelukkig maken?
Afsluiting en verwerking

Sluit het gesprek af met een korte samenvatting.
Ter verwerking kunnen de leerlingen een elf-gedicht schrijven over dat wat hen gelukkig maakt. Gebruik daarvoor het werkblad onder deze link. Leerlingen die nog niet schrijfvaardig genoeg zijn voor een gedicht, kunnen een tekening maken van de dingen die hen gelukkig maken.
Vraag tot slot enkele leerlingen die tijdens het gesprek minder vaak aan het woord zijn geweest, om hun gedicht voor te lezen of hun tekening aan de groep te laten zien.