Filosoferen over waarden en normen

Aanwijzing voor de gespreksleider

In sommige groepen zouden de startvragen vrij veel tijd kunnen innemen. Dat hangt af van hoe concreet er al groepswaarden en groepsregels bestaan op school. Soms lezen de kinderen ze direct op of kunnen ze uit het hoofd opnoemen. In andere groepen is dit echt een moment van onderzoek. Splits in dat geval de les eventueel in twee delen en vervolg op een later moment met het gesprek in de kring.

Startvragen

Laat de leerlingen de eerste startvraag individueel, op papier, beantwoorden:

  • Wat vinden we belangrijk/waardevol in onze groep? Waar zijn onze waarden? Schrijf er eens een paar op.

Inventariseer de antwoorden en vraag vervolgens aan de groep:

  • Kunnen jullie met elkaar tot een top 5 van waarden komen?
  • Welke regels en gedragingen (normen) horen er bij jullie top 5-waarden?

Praat vervolgens in de kring verder aan de hand van de filosofische vragen.

Filosofische vragen

  • Hoe weten we wat belangrijk is (wat onze waarden zijn)?
  • Van wie of waardoor leren we dat?
  • Waaraan merk je wat de waarden van een persoon of groep zijn?
  • Kunnen verschillende mensen of groepen mensen heel verschillende waarden hebben?
    Hoe kan dat? Of waarom niet? Kun je een voorbeeld bedenken?
  • Is het nodig om je waarden of de waarden van een groep te kennen?
  • Wat zou er kunnen gebeuren als je op een plek of in een groep komt, waarvan je de normen en waarden niet kent?
Afsluiting en verwerking

Sluit het gesprek af met een korte samenvatting. Ter verwerking kunnen de leerlingen (in tafelgroepjes) posters maken met daarop de belangrijkste waarden van de groep. Geef deze posters een plek in het klaslokaal.